19, 20 en 21 Eeuwse Kunst


Toevoegen aan winkelwagen
Maximum: 1

Briedé, Johan Briedé
[2006434]

€600,00

5 van 5 sterren5 van 5 sterren

Johan Briedë
1885-1980

Johan Briedé werd op 2 mei 1885 te Rotterdam geboren in een gezin met 8 kinderen (hij had vier zusters en 3 broers). Zijn vader, Marinus Stephanus Briedé (1853), was in Rotterdam werkzaam als leraar bij het Lager Onderwijs (en gaf bijles in de Franse taal). Zijn moeder, Wilhelmina Johanna van Oosten (1860)was handwerk-lerares. Op 4 april 1912 huwde Johan Briedé met Mary Grietje Brandsma. Zij kregen vier kinderen. Zij woonden tot 1916 achtereenvolgens in Rotterdam, Leiden, Amsterdam, Haarlem, Scheveningen en Rijswijk en vestigden zich in dat jaar in Laren (NH). In 1959 verhuisden zij naar Amsterdam. Na een uiterst werkzaam leven overleed hij op 5 april 1980, bijna 95 jaar oud.

Voor hij naar de Kunstnijverheidsschool ging had hij met het idee gespeeld om plant- en dierkundige te worden. Gezien deze voorkeur voor planten en dieren is het niet zo verwonderlijk dat Briedé in zijn gehele loopbaan slechts bij uitzondering menselijke figuren tekende of schilderde. Na een voltooide H.B.S. opleiding bleek dat Briedé niet kon aarden in een baan als kantoorbediende. Nadat hij in zijn jonge jaren met de schilder Dirk Gerard Ezerman (1848-1913), die toen tekenleraar was aan de Akademie voor Beeldende Kunsten en aan een HBS in Rotterdam, mee was geweest op studietochten , waren het vooral Chris Lebeau en L.W.R. Wenckebach, die hem na een korte opleiding aan de Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, op de School voor Kunstnijverheid in Haarlem in 1911 en 1912 als zijn leermeesters zouden optreden. Ook voor de bekende kunstenaar Piet van der Hem had Johan Briedé grote bewondering. De schilders G.A. Brender à Brandis en Willem van Konijnenburg hebben ook aan zijn vorming bijgedragen. Brender à Brandis werd een goede vriend van hem in Laren en stond hem soms terzijde bij het tekenen van dieren en planten voor schoolboekjes.

Een subsidie voor de Kunstnijverheidschool in Amsterdam werd hem in 1910 bezorgd door prof. A.W.M. Odé , waarmee hij in aanraking was gebracht door toedoen van Margaretha Meijboom. Daar het bedrag van de subsidie ontoereikend was heeft hij het onderwijs daar niet tot het eind van de periode kunnen volgen; het stelde hem wel in staat om onder andere in Artis te gaan tekenen. In de jaren 1910 en 1911 heeft hij gewerkt als assistent voor het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden. Daar ontstonden honderddertig tekeningen. In die tijd kwam ook het contact met de bekende archeoloog prof. Dr. A.E. van Giffen tot stand; voor hem maakte hij een aantal tekeningen, onder andere van de Drentse hunebedden. In Augustus 1912 ging hij naar de Kunstnijverheidschool in Haarlem, waar hij als particulier leerling van de reeds eerder genoemde kunstenaar Chris Lebeau de fijne kneepjes van het vak leerde.

Werk en schetsen van Briedé zijn onder andere aanwezig in het Drents Museum in Assen , het Goois Museum in Hilversum, het Singer Museum in Laren, de Atlas van Stolk in Rotterdam, Museum Meermanno in Den Haag, de Universiteitsbibliotheek in Amsterdam, het Gemeente archief van Amsterdam, de Bibliotheek van de Vereniging voor de Boekhandel in Amsterdam, het Archief van de Stadsdrukkerij Amsterdam, het Museum Naturalis in Leiden, het Gemeente-museum in Weesp , de Rijksdienst voor Kunsthistorische Documentatie in Den Haag, het Nederlands Architectuur Instituut in Rotterdam, het Gemeente Archief in Rotterdam, het Scheepvaartmuseum in Rotterdam, het Stedelijk Museum in Amsterdam, terwijl ook enige van zijn tekeningen in het Rijksprentenkabinet van het Rijksmuseum in Amsterdam aanwezig zijn.
Datum toegevoegd: 08/03/2009 door: De Kunsthistoricus
Copyright © 2021 Kunstverzameling Henk van der Kamp - toevoegen aan favorieten
Powered by Zen Cart